Enguerrand Artaz (LFDE): ‘En aan het einde wint China?’

Een grotere tegenstelling in de omgang met het conflict in Iran valt moeilijk te bedenken. Tegenover de wraakzuchtige, losgeslagen stijl van Donald Trump, die te pas en te onpas de meest tegenstrijdige boodschappen de wereld in stuurt, plaatst China een ordelijk gestructureerde strategie. Aan het begin van de vijandelijkheden liet Beijing amper van zich horen. Het veroordeelde de Amerikaans-Israëlische aanvallen en riep op tot een staakt-het-vuren, maar zonder echt aan te dringen, meent Enguerrand Artaz, strategisch analist bij La Financière de l’Échiquier (LFDE).

Enguerrand artaz
Enguerrand Artaz
Beetje bij beetje voerde China nadien bij monde van minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi wel de toon op, maar pas eind maart ondernam het ook concreet actie, te beginnen met de gesprekken waarmee Pakistan trachtte Iran en de Verenigde Staten nader tot elkaar te brengen. Dat initiatief van Islamabad kwam namelijk duidelijk tot stand op aansturen van Beijing, dat korte tijd later overigens ook officieel aanschoof bij de gesprekken.

Dat China dit moment koos om in het conflict met Iran meer op de voorgrond te treden, lijkt hoegenaamd geen toeval. De termijn van vier tot vijf weken die Donald Trump bij de start van het conflict in het vooruitzicht stelde, loopt stilaan af, en de druk op de energieprijzen loopt op. Heel wat landen, ook China, beginnen de economische gevolgen te voelen. Nu de behoefte aan een oplossing steeds nijpender wordt, werpt China zich op als een geloofwaardige speler. Het doet dat bovendien op een manier die fel contrasteert met de chaotische strategie en communicatie van de Verenigde Staten, en positioneert zich als een de-escalerende en stabiliserende factor.

Wedden op twee paarden

Dat lijkt misschien paradoxaal, want alle officiële ontkenningen ten spijt is het vrij duidelijk dat China Iran militair steunt, met door navigatie- en geleidingssystemen te bezorgen voor de uitvoering van precisieaanvallen. Maar Beijing wedt op twee paarden: terwijl het achter de schermen zijn geopolitieke invloedssfeer beschermt, treedt het officieel naar voren als een toonbeeld van verzoening en balans. Nu de VS zich steeds wispelturiger tonen, levert dat overduidelijk geopolitieke winst op, zeker in het 'Mondiale Zuiden'. Op korte termijn is China niet immuun voor de economische gevolgen van het conflict, ook al kreeg een aantal schepen ter bestemming van China toelating om door de Straat van Hormuz te varen. Zo kijkt de Chinese chemiesector, die erg afhankelijk is van aanvoer via die zeeweg, tegen een forse kostenstijging aan. Dat betekent een behoorlijke klap voor het concurrentievermogen van die sector, met name op de Europese markt, waar China zich steeds meer als prijsbreker opwerpt. Op langere termijn zitten er voor China echter heel wat positieve kanten aan. Om te beginnen drukt het conflict in Iran de wereld nog eens met de neus op het feit dat haar afhankelijkheid van fossiele brandstoffen gevaren inhoudt – voor het milieu, maar in dit geval vooral ook voor de soevereiniteit. Dat zal het streven naar energieonafhankelijkheid en de elektrificatie ongetwijfeld kracht bijzetten. En laat dat nu net een domein zijn waarop de Chinese industrie vooroploopt, zowel aan opwekkingszijde (denk aan zonnepanelen en kernenergie) als aan verbruikszijde (elektrische auto's).

De yuan als referentiemunt

En door een grotere rol te spelen in het bereiken van een oplossing voor het conflict in Iran, krijgt China meer mogelijkheden om de aankoop van zijn grondstoffen in yuan te betalen in plaats van in dollar. Daar zet Beijing in zijn streven naar wereldleiderschap sterk op in. Hoewel zijn status als veilige haven door het grillige buitenlandbeleid van Trump onder druk staat, blijft de Amerikaanse dollar veruit de belangrijkste reservemunt ter wereld én de referentiemunt voor de grondstoffenhandel. Die positie tracht Beijing actief te ondergraven in de hoop beetje bij beetje de yuan als referentiemunt ingang te doen vinden. Dat is een werk van lange adem, maar gebeurtenissen zoals het conflict in Iran kunnen dat proces versnellen.

Voor beleggers is het van belang om verder te kijken dan de volatiliteit op korte termijn. De ontwikkelingen in het Midden-Oosten zullen de steeds verder om zich heen grijpende deglobalisering aanjagen, de ontkoppeling tussen de regio's op conjunctureel vlak uitdiepen, de onbetwiste leiderspositie van de VS op losse schroeven zetten en de noodzaak van soevereiniteit versterken. Dat vooruitzicht pleit meer dan ooit voor een regionale spreiding van beleggingen en een positionering op basis van de fundamentele trends die naar verwachting zullen bijdragen aan de transformatie van de internationale betrekkingen.